ouderzonden #1 – Superbia

Bloguitdagingen, dat vind ik meestal wel tof. Dit jaar lanceren Romina en Annelore #ouderzonden: gedurende zeven weken schrijven zij, samen met heel wat andere bloggers, over de zeven hoofdzonden, maar dan toegepast op het ouderschap.
Even heb ik getwijfeld om mee te doen aan deze challenge, want confrontatie en persoonlijk en al, maar toen dacht ik: foert. Voor de andere deelnemers is het net hetzelfde, en dat groepsgevoel onder bloggers is hartverwarmend!

#1 – SUPERBIA (hoogmoed – hovaardigheid – ijdelheid)
Waarom ben jij een goede ouder? Waar blink jij in uit?

Laten we even beginnen bij het begin: de start van het ouderschap. Dat was niet bepaald rooskleurig hier.
Deze week stond er in Libelle een artikel over huilbaby’s, en het katapulteerde mij keihard terug naar de zomer van 2016. De zomer waarin wij heel wat dagen en nachten rondwandelden met een krijsende baby. Nachten waarop ik mee huilde, en telkens weer dacht: ik ben een slechte mama, want ik kan mijn eigen kindje niet troosten. Heel vaak heb ik gedacht dat het niets voor mij was, mama zijn. Slaaptekort en hormonen maakten van mij een onrustige en onzekere mama, en ik heb veel donkere wolken gezien.
Maar na regen komt altijd zonneschijn: het huilen werd minder (we brachten onder andere een bezoek aan de osteopaat, maar de oorzaak van haar ‘ongemak’ zullen we nooit met zekerheid weten), en ik werd een betere mama door terug aan het werk gaan. Alleen maar mama zijn, dat is niks voor mij.
Vandaag, anderhalf jaar later, is de balans (meestal) terug in evenwicht, en daar ben ik heel opgelucht en blij om.

Ongetwijfeld was ik toen ook een goede mama, maar dat voelde ik zo niet aan. Nu voel ik me een veel betere mama, omdat ik nu op mijn gevoel durf te vertrouwen en mijn dochter veel beter aanvoel en begrijp (dat ze zichzelf al veel beter kan uitdrukken helpt daar natuurlijk ook wel bij).

Ik kan wel 10 redenen bedenken waarom ik geen goede ouder ben. Maar vertellen waarom ik wel een goede mama ben, dat vind ik een pak moeilijker. Stoefen over mezelf, daar ben ik niet goed in. Dus schakelde ik hulp in van mijn mama. Want wie anders zou mij daar beter bij kunnen helpen?

  • Zelf heb ik enorm veel nood aan regelmaat en ritme, en onze dochter (net zoals het grootste deel van alle kinderen) ook. Ik geef haar dat: allebei blij. We werken ook met rituelen. Dat geeft mij structuur en rust, en onze dochter ook.
  • Ik heb – volgens mijn mama en mijn man – veel geduld. Wanneer ze voor de vierde keer ‘nee’ zegt als ik haar een boek toon. Wanneer ze voor de zevende keer hetzelfde boek wil bekijken. Wanneer ze zelf wil eten. Wanneer ze tandjes krijgt. Wanneer ze aan mijn been hangt als ik aan het koken ben. Uiteraard zijn er ook momenten waarop ik mijn geduld verlies.
  • Vaak krijgen wij de opmerking dat wij zo’n brave, rustige dochter hebben, die alleen kan spelen. Volgens mij is dat omdat wij zelf rustige mensen zijn, en dat uitstralen op haar. We proberen haar ook in een rustige en warme omgeving op te voeden, zodat ze altijd die rust en warmte weer kan opzoeken.  (Noot: onze dochter is niet altijd braaf en rustig. Soms kan ze ook serieus de aap uithangen, een woede-aanval krijgen of gewoon een hele dag niét willen slapen.)
  • Wij zijn heel duidelijk (zeg maar gerust een beetje streng) in onze opvoeding wat mag en wat niet. Wij kunnen heel goed ‘nee’ zeggen, zodat ze echt begrijpt dat het ‘nee’ betekent. Toen ze kleiner was is ze een paar keer beginnen wenen, en dat was voor ons wel even schrikken. Mijn man is nog een beetje strenger dan ik, maar we zijn ervan overtuigd dat consequent zijn helpt.
  • Juliette mag zelf haar eigen weg zoeken. We moedigen haar aan, en helpen haar daarbij, maar gaan nooit dingen forceren of opdringen. Sommige dingen kan ze dan misschien op latere leeftijd dan andere kindjes, maar vergelijken doen wij niet aan mee. Op haar eigen tempo, dat is best! Natuurlijk leren we haar wel dingen aan (dat is vooral wat mijn man het liefste doet), maar we gaan daar niet op doordrammen.
  • We vinden het belangrijk dat onze dochter vaak buiten is. We gaan vaak wandelen en fietsen, en ze doet niets liever dan buiten spelen. Bij oma en opa wil ze ook altijd meteen naar de dieren gaan kijken. Mijn kind, buitenkind <3.
  • Ik ben goed in boekjes bekijken en verhaaltjes vertellen. Het toeval wil dat ik dat ook nog eens geweldig leuk vind, en dat ik me moet inhouden om er hier geen kinderbibliotheek van te maken. Zo moeder, zo dochter.
  • Ik ben een creatieve mama. Nu beperkt zich dat tot verjaardagstraktaties of carnavaloutfits knutselen voor de crèche, maar ik kijk al heel erg uit naar tekenen en knutselen. Hopelijk zit dat ook in de genen!
  • Onze dochter, die we soms al lachend ‘onze smoefel’ noemen, eet graag en veel. Ze heeft dan toch wel veel geluk met een mama die graag kookt, en haar altijd de lekkerste dingen voorschotelt! We prijzen ons gelukkig dat ze – nu nog – alles lust…

En als ik ’s avonds, voor het slapengaan (veel vaker voor 21:30 dan erna), nog even bij ons peutertje ga kijken, spat mijn hart uiteen in duizend stukjes. En dan weet ik dat we het toch allemaal zo slecht niet doen…

Advertenties